Dagje meelopen op het Kennemer College, waar ze gepersonaliseerd leren ingevoerd hebben.

Maandag 6 mrt 2017 heb ik mee mogen lopen met Mariska Maas op het Kennemer College, waar ze het 1e leerjaar nu volledig gepersonaliseerd werken volgens het Kunskapsskolan model.

De leerlingen beschikken allemaal over een Ipad en kunnen daarmee naar de Learning Portal. Hier staat het lesmateriaal in, opgedeeld in treden of in thema’s. Er zijn tredenvakken (ne, en, wi) en themavakken (ak, gs, bio etc.) De leerlingen lopen de treden stuk voor stuk door en als de trede behaald is, dan wordt deze door de docent afgetekend en kunnen de leerlingen verder met de volgende trede.

Elke dag begint met een gezamenlijke dag start met de coach, tijdens dit gezamenlijke moment worden belangrijke mededelingen gedaan, aandacht besteed aan sociale vaardigheden (mentorlessen) en iedere leerling maakt een eigen dagplanning in zijn logboek (een speciale agenda).

De dag bestaat vervolgens uit blokjes van 20 min. In deze 20 minuten kan het zijn dat er een instructiemoment is, de leerling op het leerplein is of bij een vak ingeroosterd staat zoals gymnastiek of beeldende vorming (meerdere blokjes van 20 minuten).

De planning wordt gemaakt in een speciale agenda, het logblogboek kunskapsskolanoek, waar de leerlingen aan het einde van de vorige week hun leerdoelen (wat) en werkdoelen (hoe) hebben geformuleerd.

Elke dinsdag, woensdag, donderdag en vrijdag zijn er voor de dag-start coachgesprekken. Elke leerling heeft ELKE week een coachgesprek van 15 minuten. Deze gesprekken gaan over de doelen, welke zijn behaald en welke niet en hoe komt dat. Wat is er nodig. Aan het einde van elk coachgesprek wordt er een persoonlijk doel geformuleerd, dat moet een klein en concreet doel zijn waar de leerling de komende week mee aan de slag kan gaan. Bijvoorbeeld: ‘Ik zorg dat ik elke dag mijn spullen bij me heb.’ Of ‘Ik ga eerst werken aan vakken die ik minder interessant vind en daarna aan de leuke vakken.’ De leerling formuleert dit leerdoel zelf en schrijft deze in hun logboek op.

Elke dag wordt weer gezamenlijk afgesloten met de mentor. Hier wordt kort teruggekeken op de dag en wordt er aandacht besteed aan het nieuws of andere zaken die besproken moeten worden. De mentor kan hier een eigen invulling aan geven, passend bij de groep of gebeurtenissen.

Ik vond het ontzettend leuk om de docenten en leerlingen op deze manier aan het werk te zien. Een paar dingen zijn mij opgevallen:

  • De leerlingen komen op het leerplein, pakken hun spullen en gaan vrijwel onmiddellijk aan de slag. Ze leggen hun agenda op hun tafel en op de Ipad starten ze de bijbehorende opdracht (volgens planning) op. Doordat er in de ochtend een dagplanning is gemaakt, gaat er geen tijd verloren aan nadenken wat ze gaan doen.
  • De leerlingen krijgen Rubrics met daarin de succescriteria op verschillende niveaus (aangegeven met kleur). Als leerlingen een succescriterium behalen op een hoger niveau dan dat ze zijn ingedeeld geeft de docent dat aan in de Rubric. Dit kan motiverend werken om meer uit jezelf te halen.
  • Het leerplein is opgedeeld in secties (talen, bèta, mens en maatschappij, biologie). Bij elke sectie is minimaal één docent aanwezig die één van die vakken geeft. De docenten zijn actief op het leerplein, ze lopen rond, spreken met de leerlingen over het werk waar ze mee bezig zijn en sturen de leerlingen aan.
  • Het eigenaarschap en de verantwoordelijkheid voor het leren wordt telkens bij de leerling gelegd. De begeleiding van de leerlingen is vooral gericht op het aanleren van de juiste vaardigheden die hierbij horen, zoals plannen, vragen stellen, doorzetten, keuzes maken etc.)
  • Langs de muren staan kasten met materiaal voor de verschillende vakken en er staan dozen waar leerlingen hun werk in kunnen leveren. Tussen de kasten zijn plekken gecreëerd om alleen te kunnen werken.
  • Er is op bepaalde momenten ook een stiltelokaal waar de leerlingen in stilte kunnen werken. Leerlingen kunnen hiervoor kiezen.
  • Een knelpunt is dat een instructie van 20 minuten (effectieve tijd 15 min) te kort is om een check in te bouwen of de gegeven instructie begrepen is. Deze check zou dan uit het gemaakte werk (op het leerplein) moeten komen, maar de directe feedback zou waardevol kunnen zijn om de leerlingen goed op weg te helpen. (formatief toetsen)
  • Ik persoonlijk mis nog een beetje de ruimte voor de bevlogen docent (als leermeester) die de leerlingen meeneemt of inspireert. Wellicht gebeurt dit wel, maar was dat vandaag niet zichtbaar.
  • Ik zag hier hard werkende en betrokken docenten, maar ook hardwerkende leerlingen die een groot deel van de dag ‘aan’ staan.
  • Het concept wordt schoolbreed ingevoerd en moet volgend jaar zijn doorgang maken naar de 2e Dit is nog wel spannend, aangezien niet alle docenten het zien zitten om op deze manier te werken.

Als conclusie zou ik willen zeggen dat het systeem een sterke basis heeft, waardoor de leerlingen weten wat ze moeten doen en geholpen worden met hoe ze het moeten aanpakken. De coaches spelen in dit systeem een belangrijke rol, de manier waarop die de leerlingen begeleiden moet in lijn zijn met de uitgangspunten van het systeem.

Advertenties

Ik voel me soms een teckel aan een rolriem….

In deze blog wil ik met jullie mijn overpeinzing delen over hoe ik mij af en toe voel in mijn werkzame leven….als een teckel aan een rolriem, zoiets als je in dit filmpje ziet ;).

hond-aan-riem

Ik ren me rot, als een teckel met zijn kleine pootjes, dat wil zeggen dat ik best wel hard werk, maar dat ik met mijn kleine pootjes het gevoel heb dat ik niet zo ver kom. En dan opeens…..STOP….maximale lengte van mijn riem is bereikt.

En als ik dan mijn riem voel trekken (lees: onderwijssysteem voel knellen), dan gaan er allerlei gedachten door mijn hoofd. Ben ik te hard van stapel gegaan? Is hetgeen dat ik wil bereiken wel realistisch?Zijn er collega’s die ditzelfde willen bereiken? Deel ik wel genoeg met mijn collega’s?

Dat ik dit zo ervaar is niet zo vreemd, de laatste tijd krijg ik steeds vaker de feedback dat het belangrijk is om niet te ver vooruit te lopen, omdat ik op deze manier de mensen die mee willen lopen verlies. Bij een wandeling (lees: marathon) is het ook verstandig om af en toe eens stil te staan en om je heen te kijken, ga ik nog wel de goede kant op, de kant die ik wil en kan gaan? Loop ik nog samen met de mensen die mee wilden lopen? Kunnen mijn leerlingen het bijbenen?

En natuurlijk hebben de mensen die mij deze feedback geven ook gelijk, want onderwijs maak je samen en als je in een verander- of ontwikkelproces zit, dan heb je elkaar nodig!

MAAR….waarom is dit dan zo ingewikkeld voor mij? Heeft dit ermee te maken dat ik te ongeduldig ben? Of komt het omdat ik ook écht niet meer terug kan (lees: wil) in het onderwijs zoals het was. Stappen terugdoen kan ik niet meer, dan verlies ik mijn energie en werkplezier. Stappen vooruit zetten is dus ook ingewikkeld, want dan voel ik telkens die rolriem trekken. Deze innerlijke strijd kost helaas ook veel energie. Hoe kan ik hier dan het beste mee omgaan?

Een belangrijk leerpunt dit jaar was dat ik meer moet delen met mijn collega’s. Ik kan van alles bedenken en ontwikkelen, maar als ik het niet deel (en bespreek) met mijn collega’s kan ik ook niet verwachten dat we samen deze ontwikkelingen oppakken.

Een mooi steunpunt is voor mij de facebookgroep ‘actief leren zonder cijfers’, waar lief en leed, materiaal, vragen, artikelen en ervaringen gedeeld worden. Hier haal ik veel energie uit, het gevoel dat we samen op deze missie zijn en dat we dat allemaal op onze eigen werkplek in de praktijk proberen te brengen, met vallen en opstaan.

Tekenend voor mijn innerlijke tweestrijd waren de artikelen in de NRC afgelopen week. Het eerste artikel was van Merle van Lier “Aan dit onderwijs heb ik niks”, een leerling uit 6V, die aangeeft dat ze niet voorbereidt wordt op het ‘echte’ leven na school. Een artikel dat ik ja-knikkend zat te lezen. De radartjes in mijn hoofd draaiden al weer op volle toeren hoe we ons onderwijs kunnen aanpassen zodat onze leerlingen wel het gevoel hebben dat ze er iets aan hebben. Want eerlijk gezegd heb ik mij zelf als VWO leerling ook vaak zo gevoeld. Een reactie op het artikel van Merle van Lier kwam van Steven Geurts “Praat liever eens met je leraar, Merle”, een biologiedocent (van een andere school) die aangeeft dat Merle de volgende keer beter in gesprek kan gaan met haar eigen docenten i.p.v. de landelijke krant, haar argumenten moet baseren op feiten en dat haar wensen organisatorisch en financieel niet haalbaar zijn. Dan denk ik ten eerste bij mijzelf, hoezo niet haalbaar? En misschien heeft Merle wel al met haar docenten gesproken? Oftewel, ik merk dat ik partij kies voor de leerling die ervaart dat het onderwijs echt wel anders kan.

Maar, misschien heb ik wel hetzelfde als zwangere vrouwen. Als je zwanger bent, zie je opeens allemaal zwangere vrouwen en heb je het gevoel dat de halve wereld zwanger is, precies tegelijk met jou…wat toevallig. Wat ik hiermee bedoel te zeggen, misschien zit ik wel in een tunnelvisie in mijn missie om het anders aan te pakken voor de leerlingen die ik lesgeef en zie ik alleen de artikelen die gaan over ander onderwijs.

Maar dan realiseer ik mij ook weer hoe het dagelijks is voor de klas, ik zie dat er (naar mijn idee) teveel leerlingen ‘uit’ staan. Ik zie leerlingen die zichzelf door de dag heen slepen en ’s middags huiswerkkeuzes maken gebaseerd op de grote toetsdruk. “Sorry, mevrouw, ik heb het huiswerk voor wiskunde niet gemaakt, want ik heb vandaag twee proefwerken en morgen en overmorgen ook nog een SO.” En dat zijn de momenten dat ik weer weet WAAROM ik het zo graag anders wil. Ik wil samen met de leerlingen LEREN, niet overleven van toets naar toets.

Ok, al schrijvend kom ik tot de conclusie dat ik echt wel begrijp dat ik aan de riem moet, hond-aan-riem-onderzoekendmaar dan zou ik graag samen op onderzoek willen, dus een riem die af en toe wat meer meebeweegt.

Mijn ultieme droom en doel is natuurlijk om zonder riem onderwijsontwikkelingen mogelijk te maken, maar tot die tijd zoek ik gewoon de randjes op….het moment waarop de rolriem KLIK zegt….maximale lengte bereikt.